Short Stay
In steden met een internationale aantrekkingskracht, met name waar het een aantrekkingskracht betreft ten opzichte van zogenaamde expats of tijdelijke buitenlandse werknemers, ontstaat discussie omtrent de vraag naar huisvesting voor dergelijke tijdelijke (buitenlandse) werknemers. Mensen die zich voor een bepaalde periode in een land of stad vestigen hebben behoefte aan een eigen woning en vaak niet aan een hotelkamer. Het verblijf kan ook enkele maanden tot jaren beslaan, wat het verblijf in een hotel vaak niet aantrekkelijk maakt. Echter; het komt ook vaak voor dat dergelijke expats of internationale werknemers niet dusdanig lang in een stad/land verblijven dat zij een reguliere woning willen betrekken of zich permanent willen vestigen.
In dit soort gevallen kan short stay, oftewel tijdelijk wonen, een uitkomst bieden. De vraag is echter wat voor wet- en regelgeving daarop van toepassing is. Leidend bij short stay zijn de Huisvestingswet en het bestemmingsplan.
Huisvestingswet
De Huisvestingswet biedt gemeenten een instrument om in te grijpen in de woonruimteverdeling en de samenstelling van de woningvoorraad. Het beschermen van schaarse woonruimte wordt hiermee bevorderd.
In de Huisvestingswet wordt in artikel 30 de zogenaamde woningonttrekking geregeld.
Hiermee wordt gedoeld op situaties waarin een woonruimte niet langer wordt gebruikt ten behoeve van bewoning maar ten behoeve van kantoorgebruik, hotel of nog iets anders. De Huisvestingswet gaat voor het begrip wonen uit van het wonen zoals in normale spraakgebruik word gebezigd. Oftewel; volgens een vast patroon met een normaal huurcontract door een huishouden voor langere tijd.
Indien een woning wordt gebruikt ten behoeve van short stay, dan kan dat worden geduid als woningonttrekking. Echter; daar wordt lang niet altijd hetzelfde over gedacht. Indien een gemeente echter het gebruik van een woning ten behoeve van short-stay, of kort wonen, bestempeld als woningonttrekking, dan is daar vaak een vergunning voor nodig. Het gaat dan om een woningontrekkingsvergunning.
Bestemmingsplan
Het bestemmingsplan regelt, kort gezegd, welk gebruik gemaakt mag worden van bepaalde panden en percelen. Of short stay is toegelaten is dan ook afhankelijk van de bestemming die een pand/perceel heeft op grond van het bestemmingsplan.
Aangezien short stay een relatief nieuw verschijnsel is, althans in de Nederlandse grote steden, zijn er vrijwel geen bestemmingsplannen die expliciet de bestemming short stay hebben toegekend aan bepaalde panden of percelen.
De bestemming wonen komt – logischerwijs – wel veelvuldig voor. Het is de vraag of short stay onder de definitie van wonen zoals die is gegeven in het bestemmingsplan is te brengen. Ook hier kan verschillend over worden gedacht. Het zal ook afhankelijk zijn van de definitie die in het bestemmingsplan is opgenomen van het begrip “wonen”. Als de definitie is geënt op langdurig of permanent verblijf, dan kan het gebruik als short stay in strijd komen met het bestemmingsplan.
Er zijn echter ook hele ruime of open definities van het begrip “wonen”, waaronder short stay wellicht wel te brengen is.
De werkwijze en opstelling van gemeenten ten aanzien van het fenomeen short stay is wisselend en verschilt van geval tot geval. Voor een concreet beeld dient dan ook de betreffende gemeente geraadpleegd te worden.