Bestuursrecht algemeen
Het bestuursrecht ziet op de verhouding tussen burgers en de overheid. Het bestuursrecht geeft zowel regels waar bestuursorganen zich aan behoren te houden, als regels die de burgers beschermen tegen besluiten van bestuursorganen. De algemene rechtsregels van het bestuursrecht staan in de Algemene wet bestuursrecht. Daarnaast zijn er vele bijzondere wetten (zoals bijvoorbeeld de Drank- en Horecawet) die -het woord zegt het al- bijzondere regels geven.
Kern van het bestuursrecht is het nemen van een besluit door een bestuursorgaan. Zo’n besluit raakt de aanvrager, maar vaak ook zogenaamde derde-belanghebbenden (zoals bijvoorbeeld omwonenden). Iedere belanghebbende kan als hij niet eens is met de inhoud van een besluit daartegen een bezwaarschrift bij het bestuursorgaan indienen. In de praktijk wordt een bezwaarschrift in veel gevallen ongegrond verklaard zodat de stap naar de rechter gezet moet worden. Hiertoe dient de belanghebbende een beroepsschrift in te dienen bij de bevoegde rechtbank. Daarna kan eventueel hoger beroep worden ingesteld. Tijdens de bezwaarprocedure, maar ook de beroepsprocedure, kan een belanghebbende zo nodig een verzoek tot voorlopige voorziening aan de rechter vragen. Meestal zal een verzoek om voorlopige voorziening de vraag bevatten het besluit de werking te ontzeggen in afwachting van het besluit op bezwaar of de uitkomst van het ingestelde beroep, maar er kunnen ook andere voorzieningen worden gevraagd. Bijvoorbeeld om iemand gedurende de bezwaar- of beroepsprocedure te behandelen alsof hij over de vergunning beschikt die is geweigerd.
Het is niet verplicht om voor deze procedures een advocaat in te schakelen. Wel is het vaak verstandig, ook gelet op een aantal formele valkuilen. Denk er hoe dan ook aan dat bezwaar en beroep altijd op tijd, zes weken na bekendmaking van het besluit, ingediend dienen te worden. Na verloop van deze termijn zonder bezwaar of beroep aan te tekenen komt het besluit rechtens en definitief vast te staan.
Het bestuursrecht ziet op de verhouding tussen burgers en de overheid. Het bestuursrecht geeft zowel de regels waar bestuursorganen zich aan behoren te houden, als regels die de burgers beschermen tegen besluiten van bestuursorganen. De algemene rechtsregels van het bestuursrecht staan in de Algemene wet bestuursrecht. Daarnaast zijn er vele bijzondere wetten (zoals bijvoorbeeld de Drank- en Horecawet) die – het woord zegt het al – bijzondere regels geven.
Horecaondernemers worden op verschillende manieren geconfronteerd met het bestuursrecht. Denk hierbij aan bijvoorbeeld de benodigde vergunningen, handhavingsacties (sluiting van de zaak, stappenplan), maar ook aan toegestane terrasafmetingen of bijvoorbeeld bestemmingsplannen.
Kern van het bestuursrecht is het nemen van een besluit door een bestuursorgaan. Zo’n besluit raakt de aanvrager van een besluit, maar vaak ook zogenaamde derdebelanghebbenden (zoals bijvoorbeeld omwonenden). Iedere belanghebbende kan als hij het niet eens is met de inhoud van een besluit daartegen een bezwaarschrift bij het bestuursorgaan indienen. In de praktijk wordt een bezwaarschrift in veel gevallen ongegrond verklaard, zodat de stap naar de rechter gezet moet worden. Hiertoe dient de belanghebbende een beroepschrift in te dienen. Daarna kan eventueel hoger beroep worden ingesteld bij de Raad van State. Tijdens de bezwaarprocedure, maar ook de beroepsprocedure kan een belanghebbende zo nodig om een verzoek tot voorlopige voorziening aan de rechter vragen.
Het is niet verplicht om voor deze procedures een advocaat in te schakelen. Wel is het vaak verstandig. ook gelet op een aantal formele valkuilen. Denk er hoe dan ook aan dat bezwaar en beroep altijd op tijd, zes weken na bekendmaking van het besluit, ingediend dienen te worden. Na verloop van deze termijn zonder bezwaar of beroep aan te tekenen komt het besluit rechtens en definitief vast te staan.
