N I E U W S B R I E F
nr 3 september 2009

Meester Advocaten heeft een nieuwe website waarop u ruim 120 pagina's aan juridische en praktische informatie kunt vinden. Kijk op
http://www.meestermeester.nl/

 BIBOB-toets blijft vertragend werken
 Nieuwe wet bij niet tijdig beslissen overheid; een farce?
 De deeltijd WW
 Amsterdam: Staand drinken op terrassen toegestaan?
 Amsterdam centrum: Pilot terrasverwarming
 Amsterdam centrum: Delegatie projectbesluit

BIBOB-toets blijft vertragend werken

Steeds meer gemeenten passen de Wet BIBOB toe, op grond waarvan bij vergunningsaanvragen in de horeca nadere informatie wordt gevraagd over onder meer de herkomst van de financiering en de personen achter de onderneming.

Hoewel gemeenten steeds meer ervaring met deze wet opdoen, lijkt deze ervaring in veel gemeenten nog niet tot gevolg te hebben dat er sneller besluitvorming op aanvragen plaatsvindt.

In veel gevallen laat de gemeente de wettelijke termijn verstrijken waarbinnen er een beslissing op de vergunningsaanvraag dient te worden genomen.

Enkele feiten op een rij:

  • Als uitgangspunt geldt dat op de aanvraag exploitatievergunning binnen acht weken een beslissing dient te worden genomen en op een aanvraag drank- en horecavergunning binnen drie maanden.
  • Indien de aanvraag onvolledig is dient de gemeente een termijn te verstrekken waarbinnen de aanvraag kan worden aangevuld. De periode tot het moment waarop de ontbrekende stukken zijn verstrekt telt niet mee in de afhandelingstermijn.
  • Slechts in bijzondere gevallen mag van de wettelijke termijnen worden afgeweken.
  • Indien advies wordt gevraagd aan het Landelijk Bureau BIBOB dient dit advies in beginsel binnen vier weken door dit bureau te worden verstrekt. Eventueel kan deze periode worden verdaagd met wederom vier weken.
  • Het niet tijdig afgeven van een advies door het Landelijk Bureau BIBOB brengt niet (zonder meer) met zich mee dat de gemeente een beslissing op de aanvraag mag uitstellen. Dit is ook nog in zeer recente jurisprudentie bevestigd.

Nieuwe wet bij niet tijdig beslissen overheid; een farce?

Bij het procederen tegen de overheid is één van de steeds weer terugkerende aspecten de lange tijd die de overheid doorgaans nodig heeft om een besluit op een ingediend bezwaarschrift te nemen.

Stel: bij het verlenen van een exploitatievergunning krijgt een ondernemer een veel kleiner terras toebedeeld dan hij had aangevraagd. Er bestaat de mogelijkheid om hiertegen een bezwaarschrift in te dienen. In een bezwaarprocedure gaat de overheid, in dit geval de gemeente of preciezer gezegd de burgemeester, heroverwegen of het grotere terras toch vergund zou kunnen worden. Wettelijk is bepaald dat binnen 10 weken (in geval er een bezwaarschriftencommissie is, zoals meestal het geval is) besloten moet worden op het bezwaarschrift. In de praktijk wordt deze termijn echter zo goed als nooit gehaald.

Een ander voorbeeld is het beslissen op een aanvraag exploitatievergunning. Op grond van de eigen gemeentelijke regelgeving dient een dergelijk besluit binnen 8 weken genomen te worden, waarbij eenmaal met 8 weken verlengd kan worden. Ook deze termijnen worden, zeker als het gaat om het verlengen van een bestaande exploitatievergunning, nagenoeg nooit gehaald.

Zo zijn er tal van voorbeelden te geven waarbij de overheid lang tot zeer lang nodig heeft om een beslissing te nemen. Op nationaal niveau is op dit moment een wetsvoorstel in behandeling dat de burgers een wapen in handen moet geven om de overheid aan te manen sneller te beslissen. Daartoe wordt als gevolg van de nieuwe wetsvoorstel in de Algemene wet bestuursrecht een regeling opgenomen die de burger in staat stelt om, als een bestuursorgaan niet binnen de wettelijke termijn beslist, snel een uitspraak van de rechter te krijgen. De burger moet dan eerst de overheid schriftelijk ingebreke stellen en kan daarna naar de rechter om een snelle beslissing te krijgen. De rechter zal het ingediende beroep zonder zitting afdoen, binnen 8 weken uitspraak doen en bepalen dat de overheid binnen 2 weken alsnog een beslissing neemt. Als het bestuursorgaan na afloop van het door de rechter bepaalde termijn nog steeds niet heeft beslist, kan de burger via een eenvoudige procedure waarvoor geen griffierecht is verschuldigd de rechter verzoeken het bestuursorgaan een dwangsom op te leggen. Deze dwangsom komt dan een de burger ten goede.

Zoals het nu naar uit ziet zal dit wetsvoorstel per 1 oktober 2009 inwerking treden. Echter; helaas wordt de soep niet zo heet opgegeten als zij wordt opgediend. De regering heeft zelf al laten weten dat de wet pas van kracht zal gaan als tegelijkertijd wordt verzekerd dat de termijnen voor het beslissen op bezwaar zoals die nu in de Algemene wet bestuursrecht staat en voor het beslissen op informatieverzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur zullen worden aangepast. Tegelijkertijd heeft de gemeente Amsterdam ook al laten weten de beslistermijnen ten behoeve van exploitatievergunningen te zullen oprekken, zodat (formeel) steeds tijdig beslist zal worden. Het feitelijk gevolg van deze nieuwe wetgeving, welke beoogde de burger de macht te geven de overheid te dwingen snel te beslissen, zal dan ook eerder zijn dat de overheid nog langer de tijd zal nemen om te beslissen, zij dat nu de lange beslistermijnen worden geformaliseerd.

De deeltijd WW

Sinds 20 juli 2009 kunnen bedrijven, na een aanvankelijk stop, weer gebruik maken van de nieuwe aangescherpte deeltijd WW. Omdat in de eerste fase van de deeltijd WW bedrijven voor vrijwel hun volledige personeel de deeltijd WW aanvroegen, heeft minister Donner de regels aangescherpt. De deeltijd WW is niet bedoeld om beslissingen over een reorganisatie lang voor zich uit te schuiven. De deeltijd WW is wel bedoeld voor bedrijven die gezond zijn maar een steuntje in de rug nodig hebben om door de huidige financiƫle crisis heen te komen, als gevolg van een tijdelijk tekort aan omzet en ordners.

Werknemers blijven tijdens de deeltijd WW in dienst bij hun werkgever. Zo hoeven niet te solliciteren of een re-integratie traject te volgen. De werkgever dient met de werknemersvertegenwoordiging afspraken te maken over scholing en detachering tijdens de deeltijd WW. Het is tevens de bedoeling dat de werknemer na afloop weer volledig bij de werkgever gaat werken.

Bedrijven kunnen zelf bepalen in welke mate zij de deeltijd WW nodig hebben en voor welk deel van het personeel. Wel heeft minister Donner in de nieuwe regels een drempel ingebouwd. Bedrijven moeten de werktijd van werknemers met minstens 20% verkorten en het voornemen hebben minimaal 6 maanden van de regeling gebruik te maken. Ook wordt de regeling zo aangepast dat naarmate bedrijven meer personeelsleden in de deeltijd WW plaatsen, zij er ook korter gebruik van kunnen maken. Als bijvoorbeeld minder dan 30% van het personeel er gebruik van maakt, mag de uitkering 15 maanden duren. Gebruik tussen de 30% en 60% van het personeel de deeltijd WW dan is de duur nog 12 maanden en bij meer dan 60% van het personeel wordt de duur 9 maanden. Tenslotte is de scholingsbepaling in de regeling aangescherpt. Bedrijven kunnen geen verlenging van de deeltijd WW krijgen, als niet duidelijk is dat de deeltijders ook echt scholing (gaan) krijgen

Tips:

  • Wees voorzichtig om de deeltijd WW aan te vragen voor een relatief korte periode. Wordt minder dan een half jaar (26 weken) gebruik van de deeltijd WW gemaakt, dan kan er een kans op terugbetaling bestaan.
  • Wees eveneens voorzichtig bij het aanvragen van deeltijd WW bij arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd. Hier zitten verdere haken en ogen aan.
  • Verdere informatie over de deeltijd WW kan worden gevonden op www.regering.nl/deeltijd_ww of www.antwoordvoorbedrijven.nl/deeltijdww. Tevens is de nodige informatie beschikbaar op www.uwv.nl/deeltijdww

Amsterdam: Staand drinken op terrassen toegestaan?

De laatste maanden is er in Amsterdam, met name in het stadsdeel Centrum, de nodige ophef ontstaan aangaande het zogenaamde verbod op staterrassen

Als gevolg van een aantal artikelen in de Algemene Plaatselijke Verordening dient men, indien men van het terras gebruikt maakt door er een drankje te drinken, op het terras te zitten. Dit leidt, in samenhang met het mooie weer en het rookverbod in de horeca, tot wrange situaties. Terrassen zitten immers met het mooie weer al vol, rokers mogen niet binnen roken en willen dat graag buiten doen waarbij ze graag een drankje meenemen, wat vervolgens weer betekent dat de horecaondernemer in overtreding is als de rokers staand hun sigaretje oproken met een drankje in de hand.

De reinigingspolitie, welke de terrassen in Amsterdam Centrum controleert, heeft de laatste maanden steeds intensiever gecontroleerd en gehandhaafd op overtreding van dit sta-verbod. Dit tot grote frustratie van de horecaondernemers, voor wie het nagenoeg ondoenlijk blijkt om alle gasten steeds weer te manen tot het zittend gebruik maken van het terras. Bovendien komt de regel van het sta-verbod tamelijk rigide en overdreven over.

In dat kader heeft de actiegroep AIamsterdam de nodige activiteiten ontplooid, waaronder een grootscheepse manifestatie op de Noordermarkt waarbij en masse staand werd gedronken. Deze actie heeft aanleiding gegeven voor een gesprek tussen de actiegroep, burgemeester Cohen en stadsdeelvoorzitter van het Centrum Els Iping. Dit gesprek heeft ertoe geleid dat vanuit de gemeente is aangegeven dat de handhaving aangepast zal worden. Hoewel de plaatselijke regelgeving vooralsnog overeind blijft zodat formeel staand drinken op een terras verboden blijft zal wel de handhaving van de regel worden aangepast. De gemeente geeft aan te willen optreden tegen overlast. Zolang mensen die op een terras een biertje drinken binnen de grenzen van het terras staan, geen overlast geven en niet uitwaaieren buiten de terrasgrenzen zal er in beginsel niet worden opgetreden, tenzij er sprake is van geluidsoverlast.

Tevens gaan er steeds meer stemmen op om de plaatselijke regelgeving in de APV ook formeel aan te passen. Zowel de VVD als D66 als de Partij van de Arbeid hebben reeds aangegeven de regelgeving te willen wijzigen. De gemeenteraad is uiteindelijk de instantie die de APV kan aanpassen, zodat staand drinken op een terras niet meer verboden is. Het is nog even afwachten hoe de beraadslagingen van de gemeenteraad daadwerkelijk zullen uitpakken.

Hoewel er dus enige coulantie lijkt te zijn ontstaan ten aanzien van het staand drinken op een terras blijft waakzaamheid geboden. Meester Advocaten heeft in de afgelopen maanden diverse horecaondernemers bijgestaan die geconfronteerd werden met (vergaande) handhaving op het gebied van staand drinken op terrassen. Hierbij werd duidelijk dat de reinigingspolitie vanuit rijdende auto's foto's maakten van situatie op terrassen, zonder te overleggen met de horecaondernemer, na te gaan hoe de situatie precies was (in sommige gevallen bleek de eigenaar van de horecazaak zelf op de foto te staan terwijl hij duidelijk mensen verzocht weer naar binnen te gaan) en waarbij over het algemeen niet de vereiste zorgvuldigheid in acht werd genomen. Els Iping heeft aangegeven dat deze wijze van handhaven niet meer gebruikt zal worden. Desalniettemin blijven wij horecaondernemers aanraden voorzichtigheid te betrachten ten aanzien van hun terras. Het uitwaaieren van het terras, door middel van terrasmeubilair en/of bezoekers, buiten de vergunde terrasgrenzen kan immers nog steeds voor problemen zorgen en gehandhaafd worden.

Tips

  • Houd de vergunde terrasgrenzen scherp in de gaten en zorg dat mensen en terrasmeubilair niet over deze grenzen komen.
  • Mocht u een handhavingbrief ontvangen, vraag dan altijd de achterliggende rapportages en foto's op bij het stadsdeel of laat dit doen door een gemachtigde.
  • Bedenk dat formeel het verbod op staterrassen nog steeds geldt. Hoewel de gemeente zelf uiting geeft aan het anders handhaven, kan een eventuele rechtszaak nog steeds vervelend aflopen voor de horecaondernemer.
  • Wijs uw publiek erop dat de handhavingregels weliswaar versoepeld zijn maar dat zij nog steeds binnen de grenzen van het terras dienen te blijven.
  • Voor horecaondernemers zonder terras geldt nog steeds dat staand drinken voor hun zaak niet is toegestaan. In dit geval is er immers geen terras, zodat het toestaan van staand drinken voor de zaak feitelijk betekent dat illegaal een terras wordt geëxploiteerd.
  • Zorg voor voldoende toezicht op de terrasbezoekers, staand of zittend.

 

Amsterdam centrum: Pilot terrasverwarming

Van 1 september 2009 tot 1 september 2011 zal in het stadsdeel centrum een proef met terrasverwarming worden gehouden.

Het stadsdeel heeft inmiddels de spelregels ten behoeve van deze pilot vrijgegeven. Kort gezegd komen deze spelregels op het volgende neer:

  • De terrassen mogen alleen door middel van gasgestookte gevelwarming worden verwarmd.
  • Er moet een tijdelijke bouwvergunning worden afgegeven voor de gevelverwarming.
  • Het stadsdeel zal handhavend optreden tegen alle terrasverwarmers waarvoor geen tijdelijke bouwvergunning is afgegeven.
  • Andere verwarmingselementen dan gasgestookte gevelverwarming, zoals terraspaddenstoelen, zijn niet toegestaan.
  • Als het gaat om een monumentaal pand dient het Bureau Monumenten en Archeologie aan te geven dat er geen bezwaar is tegen het opgeven van de gevelverwarming. Is het bureau een andere mening toegedaan, dan wordt geen tijdelijke bouwvergunning afgegeven.

 

Voor ondernemers is met name van belang dat ze zich realiseren dat op het moment dat hun terras verwarmd is het stemgeluid van de bezoekers op het terras wel een rol speelt bij de vraag of er sprake is van geluidsoverlast als gevolg van de horeca-inrichting. Verwarmde terrassen worden immers in de meet- en rekenregels voor het bepalen van het geluidsniveau van een inrichting meegenomen. Het stadsdeel merkt zelf al op dat het resultaat van het meenemen van het stemgeluid op verwarmde terrassen vrijwel altijd zal zijn dat er geconstateerd moet worden dat de geluidsnormen overtreden worden op grond waarvan de terrassen moeten sluiten. Er kleeft dan ook zeker een risico aan het meedoen aan de pilot.

 

Tips:

  • Blijf bewust van de risico's die het ophangen van verwarmde terrasverwarming met zich meebrengt ten aanzien van de geluidsregelgeving.
  • Als men mee wenst te doen aan de pilot vraag dan een tijdelijke bouwvergunning aan bij het stadsdeel. Het formulier voor het aanvragen van een dergelijke bouwvergunning is te downloaden via www.vrom.nl
  • Wees bedacht op extra inzet op de handhaving ten aanzien van terrasverwarming zonder (tijdelijke) bouwvergunning. Dit geldt ook voor terrasverwarming welke reeds aanwezig is. Het is de verwachting dat ook reeds bestaande terrasverwarming, welke zonder bouwvergunning aanwezig is, in de handhaving kan/zal worden meegenomen.

Amsterdam centrum: Delegatie projectbesluit

Op grond van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening (in werking sinds 1 juni 2008) is het mogelijk om voor projecten die niet binnen het bestemmingsplan passen een zogenaamd projectbesluit te nemen. Op grond van de Wet ruimtelijke ordening hoort de bevoegdheid om een projectbesluit te nemen thuis bij de gemeenteraad/ stadsdeelraad. Het is echter mogelijk om de bevoegdheid te delegeren aan het college/ het dagelijks bestuur. Onlangs heeft de stadsdeelraad van Amsterdam centrum er mee ingestemd dat de bevoegdheid om een projectbesluit te nemen wordt gedelegeerd aan het dagelijks bestuur, althans in een aantal specifieke gevallen.

Het gaat dan om de algemene categorie dat de stadsdeelraad eerste zelf een zogenaamde kaderstellende notitie heeft opgesteld (voorbeeld een nota van uitgangspunten of een stedenbouwkundig plan) en om de specifieke gevallen dat het gaat om nieuwe hotels/ uitbreiding van hotels, uitbreiding van horeca en aantallen en/ of vierkante meters horeca, omzetten van bedrijfspanden naar wonen, de bouw van op- en afstapvoorzieningen en het vergroten van ligplaatsen voor woonboten en bedrijfsvaartuigen ten behoeve van het vervangen of verbouwen van woonboten en bedrijfsvaartuigen.

Voor alle overige gevallen blijft de stadsdeelraad in beginsel bevoegd.

Aangezien de besluitvorming van de stadsdeelraad over het algemeen langer duurt dan die van het dagelijks bestuur kan in de bovenstaande gevallen sneller een besluit verwacht worden.

Tips

  • Check bij plannen ten aanzien van hotels of horeca altijd eerst het toepasselijke beleid zoals omschreven in de Hotelnota en het Horecabeleidsplan om te bezien of het plan wel binnen dit beleid past. Is dat niet zo, dan zal het verkrijgen van een projectbesluit moeilijk worden.
  • Er zijn ook andere mogelijkheden om strijd met een bestemmingsplan op te heffen. Zo bieden veel bestemmingsplannen zelf mogelijkheden en bestaat er ook een algemene categorie van gevallen waarin ontheffing van het bestemmingsplan verleend kan worden. Denk bijvoorbeeld aan een ontheffing om op een terrein (niet meer dan drie keer per jaar) een evenement te organiseren of het bouwen van een dakkapel.
  • Daarnaast bestaat nog de mogelijkheid om een zogenaamd bestemmingsplan op aanvraag te verzoeken. Dit zou met name praktisch kunnen zijn wanneer het een uitgebreid of grootschalig project betreft.

Meester Advocaten

Foeliestraat 18
1011 TM  Amsterdam
t: 020-409 55 55
f: 020-409 54 44

info@meesteradvocaten.nl