Doorschenken cafés bij dronkenschap
Uit recent onderzoek is gebleken dat veel horeca-uitbaters drank schenken aan dronken gasten terwijl dit volgens de wet verboden is. Hoe is één en ander exact geregeld?
Op grond van de drank- en horecawet is het verboden om in een horecalokaliteit of horecabedrijf (of terras) de aanwezigheid toe te laten van iemand die in kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van een andere psychotrope stof verkeert.
De zinsnede “kennelijke staat van dronkenschap” lijkt zijn oorsprong te hebben gevonden in het Wetboek van Strafrecht, artikel 453. De gedachte achter de strafbaarstelling in dit artikel was dat een dergelijk gedrag aanstootgevend is.
Wanneer is men echter in kennelijke staat van dronkenschap en hoe wordt dat geconstateerd? Er is relatief weinig jurisprudentie op dit punt ontwikkeld.
Volgens diverse bronnen, waaronder Wikipedia, is kenmerkend voor dronkenschap onder meer:
* (Sterke) gedragsveranderingen;
* Lallen, doordat men de mond- en tongspieren niet meer goed onder controle heeft;
* Waggelende en strompelende gang, gepaard met struikelen en vallen;
* Slaperigheid;
* Vertraagde reactiesnelheid;
* Misselijkheid en braken;
* Etc.
In de drank- en horecawet wordt echter, zoals hiervoor al aangegeven, niet alleen gesproken over dronkenschap, maar kennelijke staat van dronkenschap. Blijkbaar moet duidelijk kunnen worden geconstateerd door de ondernemer of leidinggevende dat de betrokken gast dronken is. Dit aspect brengt regelmatig met zich mee dat in het kader van een strafrechtelijke procedure vrijspraak dient te volgen.
Overtreding van de bewuste bepaling kan overigens worden bestraft met een maximale hechtenis van 6 maanden of een relatief hoge geldboete van maximaal €19.000,00. Tevens kan overtreding van dit verbod aanleiding geven tot intrekking van een verleende drank- en horecavergunning.