Amsterdam: concept Beleidsregel levensgedrag en wijze van bedrijfsvoering

Door admin op 09-02-2021 13:49

Onlangs heeft de gemeente Amsterdam de (concept) "Beleidsregel levensgedrag en wijze van bedrijfsvoering" kenbaar gemaakt. Deze zal worden behandeld in de commissievergadering AZ van 18 februari a.s. Tot op heden werden de termen ‘’levensgedrag’’ en ‘’wijze van bedrijfsvoering’’ weliswaar gebruikt om (horeca) exploitatievergunningen te weigeren of in te trekken, maar werden deze termen niet nader toegelicht. In veel procedures werd gediscussieerd over de vraag wat deze criteria exact inhielden en op welke wijze deze werden beoordeeld.

De beleidsregel lijkt met name bestaande jurisprudentie te verheven tot beleidsregels en daar niet bijzonder veel aan toe te voegen. Er wordt daarnaast gesproken over "maatwerk". Het is de vraag of daarmee voldoende wordt voldaan aan het bepaalde in de Dienstenrichtlijn en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

Om iets meer eenduidigheid in de besluitvorming te krijgen, werd al enige tijd geleden door de gemeente Amsterdam een "werkgroep levensgedrag (met een louter interne werkinstructie)" in het leven geroepen, maar bleven deze termen voor de gemiddelde (horeca)ondernemer onduidelijk.

Op grond van de Dienstenrichtlijn dienen de termen ‘’levensgedrag’’ en ‘’wijze van bedrijfsvoering’’ voldoende duidelijk en transparant te zijn. Hierin ligt de reden voor de gemeente om de onderhavige Beleidsregel op te stellen.

In de Beleidsnota worden ten aanzien van levensgedrag de volgende beoordelingsaspecten benoemd:

  • Wat voor type zaak betreft het?
  • Is er sprake van een imperatieve weigeringsgrond uit het Besluit eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet 1999?
  • In welke periode zijn de feiten gepleegd?
  • Wat voor type feiten betreft het?
  • Zijn de feiten aan de zaak te relateren?
  • Opgelegde straf;
  • Leeftijd op pleegdatum en huidige leeftijd van betrokkene;
  • Openbare orde sluiting op last van de burgemeester.


Ten aanzien van de wijze van bedrijfsvoering gelden de volgende beoordelingsaspecten:

  • Wat is het aandeel van de exploitant en/of leidinggevende in de waargenomen feiten?
  • Heeft de exploitant en/of leidinggevende preventieve maatregelen getroffen om overlast en incidenten te voorkomen?
  • Hoe vaak komen er incidenten/feiten voor?


Ten slotte worden in de bijlagen bij de Beleidsnotitie overzichten verstrekt van de meest relevante gedragingen en aspecten die worden meegenomen bij de beoordeling. Bij dat laatste spelen ook minder voor de hand liggende aspecten, zoals:

  • Meldingen van overlast van fietsen/scooters gerelateerd aan de zaak;
  • Wachtrijproblematiek;
  • Het niet adequaat optreden bij klachten.

Verder is zeer relevant dat de bewuste criteria niet alleen voor horecabedrijven gelden, maar ook voor bedrijven in een aanwezig gebied, straat of gebouw. De gemeente lijkt ook direct gebruik van deze mogelijkheid te maken door het gebied ‘’Hoogstraten’’ (Damstraat, Oude Doelenstraat, Oude- en Nieuwe Hoogstraat) aan te wijzen.

Daarnaast kan de vergunningsplicht ook op bepaalde branches worden toegepast. De gemeente heeft aangegeven hierbij in ieder geval te denken aan de hotelbranche en autoverhuurbranche. Wij verwachten echter dat het daartoe niet beperkt zal blijven.

Voor meer informatie of vragen over het bovenstaande kunt u contact opnemen met onze advocaten van de sectie Bestuursrecht.

18 april 2019
22 januari 2019
29 mei 2018
02 augustus 2016
28 april 2016
08 april 2015
10 december 2014
28 oktober 2014
24 september 2014
19 augustus 2014
16 december 2013
31 oktober 2013
30 oktober 2013
28 december 2012
30 november 2012
11 november 2011