FSV: advocaat-generaal bijzonder kritisch

Door admin op 23-06-2021 18:04

In eerdere weblogs hebben we reeds uitvoerig stil gestaan bij de zwarte lijst die de Fiscus jarenlang heeft gehanteerd (ook wel genoemd: de FSV-lijst). In een deze week gepubliceerde conclusie van advocaat-generaal Niessen (Hoge Raad) worden bijzondere kritische kanttekeningen bij deze FSV-lijst geplaatst:

  • Informatie die de Belastingdienst na de selectie kreeg bij de belastingplichtige kunnen niet als bewijs dienen. à De desbetreffende belastingaanslagen dienen te worden verminderd voor zover zij daarop stoelden.

  • “Indien de selectie onrechtmatig is, mogen de gegevens die de inspecteur heeft verkregen uit onderzoek dat voortvloeide uit die selectie, naar het oordeel van de A-G niet worden gebruikt bij het vaststellen van de aanslag. Een uitzondering zou kunnen worden gemaakt in geval van zeer ernstige belastingfraude.”[1]

  • Burgers van wie de aangifte voor de inkomstenbelasting in het ‘geheime’ project 1043 extra werden gecontroleerd kwamen ook op de FSV lijst. Project 1043: Project van de fiscus om ‘systeemfraude’ op te sporen, via hoge aftrek van bijvoorbeeld zorg- of studiekosten en giften.

  • Niessen stelt dat ‘verboden discriminatie’ een rol kan hebben gespeeld in de selectie van burgers. Dit zou deze selectie nogmaals onrechtmatig maken.

  • De registraties in de FSV-lijst zijn in de optiek van A-G Niessen persoonsgegevens ex de AVG. De verwerking hiervan levert in beginsel dan ook strijd op met het recht op privacy, tenzij hier middels een specifieke wettelijke regeling een uitzondering op mogelijk is.

  • Er is geen sprake van een specifieke wettelijke regeling die een uitzondering schept, op grond van de uitspraak Hoge Raad van 2017[2] kent de Algemene wet inzake rijksbelastingen namelijk geen dergelijke regeling.

  • Indien de bovenstaande zaak in de optiek van de Hoge Raad niet vergelijkbaar is de verwerking van de voornoemde gegevens niet mogelijk door schending van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur of bepalingen in internationale verdragen of de nationale wet:
    Als de Hoge Raad daar in deze zaken anders over denkt, kan het gebruik van die gegevens volgens de A-G ook om andere redenen niet zijn toegestaan, bijvoorbeeld wegens schending van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur of bepalingen in internationale verdragen of de nationale wet[3]

  • Hierbij worden genoemd:
  1.  Art. 8 EVRM - Recht op eerbiediging van privé-, familie- en gezinsleven
  2.  Art. 6 EVRM - Recht op een eerlijk proces
  3. Art. 10 Grondwet - Eerbiediging en bescherming persoonlijke levenssfeer. 
  4. Art. 20 lid 2 en 3 Grondwet – Bestaanszekerheid

  • Schending van: Richtlijn bij de Wet bescherming persoonsgegevens van 6 juli 2000: art. 8 aanhef en onderdeel e, 9, 16, 35, 43 en 40 juncto 45.

  • Schending van de Verordening (EU) 2016/679 – Algemene verordening persoonsgegevens:
    Art. 4 sub 1 -  Definities;
    Art. 6 lid 1 aanhef onderdelen c en e – Rechtmatigheid van de verwerking;
    Art. 9 -  Verwerking van bijzondere categorieën van persoonsgegevens;
    Art. 14 -  Te verstrekken informatie wanneer de persoonsgegevens niet van de betrokkene zijn verkregen;
    Art. 15, 20 en 21 (verleent het recht op bezwaar en stipuleert dat dit uitdrukkelijk aan de betrokkene kenbaar moet worden gemaakt op het moment van het eerste contact met deze).

  • Een bezwaar of beroepsmogelijkheid middels de Awb zou open moeten staan: “Daar komt bij dat de belanghebbende in de regel geen weet zal hebben gehad van de toepassing van Project 1043/FSV zodat hij feitelijk geen mogelijkheid tot bezwaar en beroep daartegen had; in de praktijk zullen de alsdan te voeren procedures – met een beroep op art. 6:11 Awb – onder omstandigheden min of meer gelijktijdig moeten worden opgestart, met allerlei ongemakken van dien.”

  • Wanneer een belanghebbende over onrechtmatige selectie klaagt, moet de rechtmatigheid van de selectie worden beoordeeld.

[1] Samenvatting bij: Conclusie A-G Niessen (HR 17 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2021:618).

[2] HR 24 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:286. (Zie ook: ECLI:NL:HR:2017:287 en ECLI:NL:HR:2017:288.)

[3] Samenvatting bij: Conclusie A-G Niessen (HR 17 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2021:618).

18 april 2019
22 januari 2019
29 mei 2018
02 augustus 2016
28 april 2016
08 april 2015
10 december 2014
28 oktober 2014
24 september 2014
19 augustus 2014
16 december 2013
31 oktober 2013
30 oktober 2013
28 december 2012
30 november 2012
11 november 2011